Symmetrisering - Instellingscherm Gebruik de Up-/Down-pijltoetsen om door de setupinstellingen te navigeren. Gebruik de pijltoets RECHTS om het geselecteerde item te openen en te bewerken. Gebruik de UITVOEREN-toets of pijltoets LINKS om de editor te sluiten als de gewenste selectie is gemaakt. Er zijn meerdere instellingen beschikbaar door op de UITBREIDEN-toets te drukken. De instelling kan worden opgeslagen door gebruik te maken van de toets OPSLAAN. Druk op de UITVOEREN- of START-toetsen om de meting te beginnen. De “Terug”-toets keert terug naar het Hoofdmenu. “Standaard” zet de instellingen terug naar standaard. Menu-items: * Vlakinstelling - Stel het aantal vlakken in om gegevens te verzamelen. * Sensor - Selecteer van een lijst met vooraf gedefinieerde sensoren of kies variabel om de sensor handmatig in te stellen. * Sensoreenheden - Stel de meeteenheden in die door de sensor worden gebruikt. [Alleen uitbreiding] * Gevoeligheid - Voer de transducergevoeligheid in mV per sensoreenheid in. [Alleen uitbreiding] * ICP Voeding - Schakel de ICP voeding aan/uit. [Alleen uitbreiding] * Weergave-eenheden - Selecteer de weergegeven eenheidtypen voor de meting. * Detectie - Selecteer RMS, piek berekend of piek-tot-piek berekend.[Alleen uitbreiding] * Gewichtseenheden - Selecteer gr, kg, cm, mm, EU of % * Lengte-eenheden - Selecteer mm, cm, m of EU. [Alleen uitbreiding] * Trigger - Selecteer Automatisch, Handmatig of Visueel. * Vib. Drempelwaarde - Gebruik het numerieke toetsenblok om de vibratiedrempelwaarde in um in te voeren. [Alleen uitbreiding] * Oplossing - Selecteer of Dynamisch of 1-2 vlakken met Prognose (alleen beschikbaar als 2 vlakken zijn geselecteerd). * Correctietype - Selecteer Polair, Component of Vastgesteld gewicht